Allrighdie. Het zit erop. Fini. FINI. Basta. Schluss. Gedaan.
Het is me wat geweest vandaag. De dessertjes gingen er vlot aan in, ook bij de ‘dida’s’ (diëtende dames). Het chronisch diëtende maar niet vermagerende schepsel weigerde categoriek zich over te geven aan de -volgens ons, kenners- nochtans redelijk onweerstaanbare lokroep van de overheerlijke tiramisu, de heerlijke chocomousse (use fondant) en de rijstpap (denk eraan, nu kan ik het zeggen: 300 gr suiker, 2 liter melk en een halve liter room, hahahaaa, een caloriebom zoals de Israëli’s ze graag hadden gehad), professioneel in elkaar gemixt, geroerd, gespateld en gedraaid door m’n madam en heur ma.
Waarde collega’s (het is nog niet 1 september, dus het prefix ‘ex-’ wordt nog niet gebruikt), ik wil u danken voor de voorbije 8,5 jaar. Voor de collegialiteit, de heerlijke nutteloze discussies ten kantore, de gefundeerde Ja Maar’s, de pronostieken voor het voetbal, voor het afscheidscadeau waarmee jullie me bedacht hebben. Voor de Hou U In’s, voor de Och jong, stop toch. Voor de speech van de baas, vandaag tijdens één onzer heiligste momenten: hij schendde de middagpauze. Tssss. Dat was er teveel aan.
Ik heb zeker van jullie geleerd. (Hopelijk hebben jullie ook iets van mij kunnen leren.) Mag ik vragen om een genuanceerde kritische kijk te bewaren, Tot Heil Onzer Ribbenkast?
Het ga u goed. En binnenkort nog beter, want dan maak ik een html-pagina aan, waarop m’n ‘werk-links’ verzameld staan. Het heeft mij alvast geholpen om de weg naar de uitgang terug te vinden.